"Gat" was het best in het tweede gedeelte

Ondertitel:Oog en oor
Soort:Recensie
Onderwerp:Het Gat van Nederland 12
Auteur:Nico Scheepmaker
Medium:Leeuwarder Courant
Datum:25-05-1973
Pagina:2

Nadat dokter Van Swol onder het toeziend ookg van dr. Drees bekend had gemaakt dat hij een legaat had gekregen dat hij aan mocht weneden voor de zieken en ziekten die hij de laatste tijd op het scherm heeft behandeld, kwam het Gat van Nederland voor het laatst dit seizoen (en ook voor het laatst onder de supervisie van Hans Keller die volgend seizoen zal worden opgevolgd door Ad 's-Gravesande) onze intense aandacht vragen. Zoals bekend heeft Keller voor dit programma de zilveren Nipkow-schijf van de critici gekregen (wanneer wordt die eindelijk eens uitgereikt?), wat Wim Ibo als ceremoniemeester bij de uitreiking van de gouden Televizierring tot de filosofische opmerking verleidde dat het zo merkwaardig was dat er zo'n grote kloof bestond tussen wat het publiek het mooiste vindt (Berend Boudewijn) en wat de tv-critici het meest appreciŽren. Hetgeen mij weer tot de filosofische gedachte verleidde, dat toneelcritici ook wel eerder geneigd zullen zijn de opvoering van bijvoorbeeld "Mooi weer vandaag" met Ko van Dijk en Paul Steenbergen te bekronen, dan "Potasch en Perlemoer", ondanks het veel grotere publieke succes van het laatste stuk.
 
Gisteren zat bij het Gat van Nederland de beste onderwerpen in het tweede gedeelte. "De zusters van de gekruisigde Jezus" in hun klooster in Brunssum kregen het volle pond van Hans Verhagen (het is een orde voor invalide zusters). Kees en Wim trokken alle registers open voor een korte speelfilm over de veertiger die zich opeens verslingert aan een 18-jarig meisje omdat de man daarop gebouwd is (zie ook Columbo van gisteren).
 
Fotojournalist Willem Diepraam die het prototype in Nederland is van de fotograaf die van zichzelf kan zeggen: I am a camera (Ik ben een camera) vertelde ons: "Ik ben niet gek, de wereld is een ontzettende rotzooi (wat natuurlijk ook maar een deel van de waarheid is, zie de vrolijke zusters in Brunssum, zie ook Wim met zijn Kiki op wie hij helemaal gebouwd was).
 
Ook een uitstekend onderdeel was de 89-jarige illustrator J.H. Isings (van de befaamde schoolplaten) die liet weten dat je op zijn leeftijd "niet moe in je voeten wordt van een lange wandeling, maar dat je van binnen een zekere onbeweeglijkheid, een neiging om niets te doen, gaat ondervinden". Iets waar dan streng tegen moet worden opgetreden, zei hij. Ik had weleens willen weten of hij nog steeds tekent, en wat hij nu dan maakt. Het is weleens een bezwaar van de gast-aanpak, dat het soms dingen aanstipt waarvan je graag eens het naadje van de kous zou willen weten.
 
Neem bijvoorbeeld die Brunssumse zusters, die, in een zaal bijeen, opeens ontzettend hard moest lachen. Waarom moesten zij zo lachen? Wat maakt hen aan het lachen, dat Willem Diepraam wellicht in diepe droefenis dompelt? Ik heb er Hans Verhagen even voor opgebeld. Het was heel simpel. Ze deden in die zaal aan "recreatie", dat wil zeggen dat zij bezig waren stencils in te vouwen, op opeens merkten dat ze toen gefilmd werden. Dat was natuurlijk een hele schrik en lachen geblazen! U ziet: eigenlijk niks aan de hand, maar een doorslaand bewijs dat deze zusters met eenvoudige dingen bezig zijn en uit simpele dingen een groot plezier kunnen putten. Een onmisbaar gegeven dus in zo'n filmimpressie.
 

 
Terug naar Bibliografie