Op de kop getrommeld

Soort:Recensie
Onderwerp:Van Kooten & De Bie 4 - Concept
Auteur:Hans van Reijsen
Medium:Algemeen Dagblad
Datum:04-02-1986
Pagina:6
Bron:Delpher link

Wedden dat..? vind ik persoonlijk niet zo'n erg prettig televisieprogramma. Het straalt me teveel onecht lijkende blijmoedigheid uit en het voorgeprogrammeerde van alles, wordt achter het masker van spontaniteit niet voldoende verborgen.
 
Toch kijk ik elke keer weer omdat ik wil weten welke merkwaardige landgenoten of buitenlanders gestrikt zijn om hun kunstje te vertonen. De rest kan me in feite gestolen worden en als het aan mij lag zou Wedden dat..? ook ongeveer anderhalf uur korter mogen duren. Snel even die rariteiten, en dan weer over tot de orde van de avond.
 
Afgelopen vrijdag echter heb ik bijna de hele avond nog plezier gehad na Wedden dat..? De Nederlandse taal kreeg er namelijk dankzij Sandra Reemer weer een prachtige nieuwe uitdrukking bij. Zij bedankte de jongelui die aan de telefoon zitten om iets raars op te scharrelen voor het feit dat zij de vorige keer zo'n groot aantal buikdanseressen "op de kop getrommeld hadden".
 
Nou gebeurt het bij de lopende vleet dat de Nederlandse taal op de televisie in het gedrang komt, maar zo mooi hoor je het maar zelden. Doorgaans lig ik daar ook niet warm of koud van, want de verloedering schijnt niet tegen te houden, maar met de uitspraak van Sandra was ik toch echt de hemel te rijk. Zo gaaf en zonder aarzelen uitgesproken, prachtig. Natuurlijk zal het geen opzet geweest zijn en echt erg is het ook niet, want de beste breister struikelt wel eens, nietwaar. Maar toch...
 
Hoe dat komt? Simpel, ze hebben geen enkele boodschap aan hun publiek. Ze werken in ivoren torens alleen voor zichzelf. Met oogkleppen op daveren ze achter hun eigenbelang aan. En wat willen ze ermee? Elkaars publiek aftroggelen? Is dat de manier om het eigen bestel te beschermen tegen de oprukkende concurrentie van satellietzenders? Zielepoten zijn het, die niet nadenken of niet kunnen nadenken.
 
Kijk, de oorzaak van zo'n gang van zaken ligt natuurlijk in een fout concept, of liever: in de uitwerking van het concept. Dat concept ligt nog steeds open, maar er moet mee aan het werk gegaan worden. De omroep doet dat niet. De omroep presenteert voortdurend proto-types, terwijl het concept nog niet eens is uitgewerkt tot een aanvaardbaar geheel.
 
Ik bedoel maar, Van Kooten en De Bie die maken het televisieleven nog steeds waard om geleefd te worden. De dodelijke wijze waarop zij met de uitwassen van de maatschappij afrekenen is ongeŽvenaard en zal dat ook wel altijd blijven. De documentaire "28 Up" die de VPRO zondagavond uitzond was overigens ook een juweeltje. Intrigerend en boeiend van de eerste tot en met de laatste minuut. Een schoolvoorbeeld van een prachtig concept en een geweldige uitwerking daarvan. Gewone mensen. Hun ideeŽn. Hun leven. Schitterende televisie kan dus best, het is alleen een kwestie van je hersens gebruiken.
 
Veel erger is in feite dat een man als Nijpels in zo'n amusementsprogramma de gelegenheid krijgt een partij-politiek propagandapraatje te houden. De verkiezingen komen er aan en dus proberen de heren uit Den Haag het volk op alle mogelijke manieren te laten zien hoe menselijk ze toch wel zijn. Een paar weken geleden heb ik het al voorspeld: de politici zullen in allemaal branche-vreemde programma's willen opdraven om van hun goedheid kond te doen. Dus: Nijpels in Wedden dat..? en zondagmiddag Lubbers in Brandpunt in de markt, weliswaar met een serieus praatje, maar ook met een carnavalspruik en -hoed op zijn hoofd. En maar lachen, en maar plezier uitstralen.
 
Trouwens, over Brandpunt gesproken: precies op het moment dat op zondagmiddag op Nederland 2 Studio Sport bezig was, gaf Brandpunt een half uur sport op Nederland 1. Daar kan ik dus echt met mijn pet niet bij. Het barst in Hilversum van de overlegorganen en vergaderstructuren. Een niet gering deel van het geld dat kijkers en luisteraars bij elkaar brengen voor de programma's, wordt gestoken in het met elkaar oeverloos ouwehoeren over alles wat los en vast zit. En toch zijn ze met z'n allen niet in staat de zaak zo te regelen, dat twee exact gelijksoortige programma's niet tegenover elkaar komen te staan.
 

 
Terug naar Bibliografie