Uit het dagboek van een vogel 25


Naam: Uit het dagboek van een vogel 25
Verschenen in:Het Parool
Pagina:15 (PS)
Datum:26-11-1966
Auteur:Wim de Bie
Jaargang: Uit het dagboek van een vogel (1966)

Overige informatie
Verschenen in:
- Lachen is gezond (1970)


WOENSDAG. S. is getrouwd! Niet te geloven, maar ik heb 't zelf gezien. D., B., A., J., R., P., en D. hebben 't ook gezien, want we zijn met de hele troep naar 't stadhuis geweest. Er ging wel wat gemompel op toen wij 't zaaltje binnenkwamen en ik kan de aanwezigen daar ook geen ongelijk in geven: B. met z'n ouwe marktbontjas aan, D., R., en D. in zeer vale spijkerpakken, A. met een rok die inderdaad bijna te gek is, J. met z'n befaamde gele bril op en P. met 'n ouwe vos om haar hals, die ze knallend oranje heeft geverfd. Dit trouwen was voor ons wel een grote verrassing, hoewel S. al heel lang met G. schoof. Maar ja, in de gekste hoekjes zitten de kleinste ongelukjes en G. had geen zin in nog 'n keer al die ellende. Bovendien viel 't bij alle ouders goed en zijn de ouders van G. 'niet onbemiddeld', zodat het bootje niet al bij voorbaat lek is (over de Toespraak dadelijk meer). Wat een krankzinnige bijeenkomst was dat! 't Begon al toen het Paar binnenschreed. Ze zagen er bijzonder jofel uit, S. met een ontzettend goed pak aan, met gelukkig nog lang haar en G. in 't zilver. S. en G. begonnen direct te lachen toen ze ons zagen en een praatje met ons te maken. Een zwarte bode met witte handschoenen schoot toe en leidde ze naar voren waar een bebrilde Superklerk hen begon toe te spreken. Hij had 't over provo's, het huwelijk dat toch waarlijk niet zomaar een happening was en het Grote Witte Plan, waarbij hij er kennelijk op gerekend had dat G., in 't wit zou zijn. Het was gelukkig grappig bedoeld, zodat wij er ook hard om konden lachen. De man had nog nooit zoveel succes gehad en met veel enthousiasme ging hij dan ook tot handelen over. Net voor de beslissende handdruk keek S. nog even om en als êén man wuifden wij hem goedendag (of uitwuiven, vaarwel wuiven, wat je wil). Zo legde S. zijn eerste schreden 'op het moeilijk begaanbare levenspad dat hij voortaan niet alleen zou bewandelen' lachend af. Na nog Wat formaliteiten en het zetten van handtekeningen, nam in een belendend zaaltje het grote zoenen een aanvang en steeg het drukke getater op van heren in zwarte pakken met anjers in knoopsgaten en dames met ontzaggelijk grote hoeden op. 'Dit is te gek,' zei S. lichtelijk verbijsterd bij 't in ontvangst nemen van elke gelukwens.
 
Toen gebaarde een bode met z'n witte hand; het gezelschap moest naar buiten, waar een fotograaf druk in de weer was. S. zorgde weer voor een grote verrassing: voor de deur stond een knalrode super Jaguar, waarin S. en G. stapten, terwijl ze naar de fotograaf wuifden. Bij navraag bleek S. de afgelopen maanden, zonder dat wij iets wisten, rijlessen genomen te hebben en deze wagen had 'ie geleend van een al even rijke neef van G. 't Lukte om ook nog op de foto te komen door in de deuropening een voetbalelftalopstelling in te nemen, drie geknield, vier staand erachter.
 
En zo zagen we ze wegrijden‚ S. en G. in hun rooie eindewagen en de drie grote zwarte wagens met de familie erachter aan. En we concludeerden, voordat ieder 'zijns weeegs' ging‚ dat zoals S. 't maakte, 't nog zo gek niet was.